De geocache is een avontuurlijke en leerzame speurtocht door het laarzenpad. Volg de coördinaten, ontdek de route en leer meer over natuur en beheer in dit bijzondere gebied.
Hoe werkt het?
Download de gratis app Maps.me in de Playstore of Appstore.
Download het GPX-bestand met de coördinaten via /PageByID.aspx?sectionID=286968&contentPageID=3129296
Open het bestand in Maps.me. De punten verschijnen op de kaart.
Loop de route en zoek de caches. Bij sommige punten vind je informatiekaarten met uitleg over natuur, dieren en beheer.
Praktisch
De route is geschikt voor jong en oud, maar houd er rekening mee dat het nat kan zijn. Trek dus stevige schoenen of laarzen aan.
De route kan zelfstandig worden gelopen, maar ook met een groepje.
Voor vragen of meldingen: luuk@orbis.nl
Bestanden
[Downloadlink GPX]
[Handleiding Maps.me (pdf)]
Handleiding: Geocache lopen met Maps.me
Stap 1. Installeer de app Download de gratis app Maps.me via de Playstore (Android) of Appstore (iPhone).
Stap 2. Download de kaart Open Maps.me en zoek je locatie (bijvoorbeeld het laarzenpad). De app vraagt automatisch om de juiste kaart te downloaden. Doe dit alvast, zodat je de route ook zonder internet kunt volgen.
Stap 3. Download de coördinaten Klik op de link [link naar GPX-bestand] en download het bestand op je telefoon.
Stap 4. Open het bestand in Maps.me Zoek het bestand op (via e-mail, WhatsApp of bestandenmap). Kies Openen met Maps.me.
Stap 5. Activeer de route In Maps.me ga je naar het sterretje onderin (Bookmarks). Daar vind je het bestand met de coördinaten. Zet het vinkje aan. De punten verschijnen nu op de kaart.
Stap 6. Ga op pad! Loop de punten in de aangegeven volgorde. Bij sommige punten vind je een cache met informatiekaarten over natuur en beheer. Bij andere punten is het alleen een routepunt. Bij elk checkpoint de bijbehorende informatie onderstaand op deze pagina is te vinden?
Startpunt: Kaatje de Koe
De koe is een herkauwer die gras en kruiden eet. Je vindt haar in weilanden met slootjes en hekken. Koeien staan het hele jaar door buiten of op stal, afhankelijk van het weer en de boer. In alle seizoenen kun je koeien zien, vooral in lente en zomer buiten. Zie je geen koeien, dan vind je vaak koeienvlaaien, koeienhaar aan prikkeldraad of pootafdrukken langs de sloot.
Volwassenen
Startpunt – Vangkooi Dit is het begin van de route. Hier staat al duidelijke bebording. Lees de panelen voor toelichting op de vangkooi en de geschiedenis van het gebied.
Lotje het Lieveheersbeestje Het lieveheersbeestje is een kleine kever die bladluizen eet. Je ziet het op bladeren van rozen, brandnetels en wilg. In lente en zomer is de kans het grootst. In de winter kruipen ze samen weg tussen schors, bladeren en in schuurtjes. Vind je geen kevers, zoek dan lege vervellingshuidjes of kijk naar bladluiskolonies waar ze later terugkeren.
Ingang gebied – kruidenranden, houtwallen en slagenlandschap
Je loopt een slagenlandschap in: lange, smalle kavels met houtwallen en kruidenrijke randen. Dit gebied ligt op de Naad van Brabant, de overgang van zand naar klei. Hier komt mineraalrijk grondwater omhoog, kwel genoemd. Kwel houdt natte graslanden voedselarm en dat geeft ruimte aan bijzondere planten en insecten. Houtwallen breken de wind, bieden nestgelegenheid en verbinden leefgebieden. De laarzenwandeling laat je de geologie, historische verkaveling en natuurwaarden in één route ervaren.
Waarom dit werkt
– Kwel brengt mineralen en zorgt voor natte, soortenrijke graslanden
– Houtwallen en struikranden leveren schuilplekken en voedsel
– Afwisseling van nat en droog vergroot de biodiversiteit
Kris de Krekel Krekels houden van warme, droge plekjes met hoog gras en ruige randen. In zomer en vroege herfst hoor je hun getsjirp, vaak eerder dan je ze ziet. In de winter en het vroege voorjaar zijn ze er niet of zitten ze als ei of larve verborgen. Hoor je geen krekels, luister dan naar andere insectengeluiden en kijk of je vervellingshuidjes op stengels ziet.
Beheer – flikken afzetten, maaien en begrazen
De kleine bosjes, lokaal flikken genoemd, worden periodiek afgezet. Zo verjongen ze en blijft er veel structuur: jong hout, dichte randen en open plekken. Delen van de percelen maaien we en andere delen laten we begrazen door koeien. Variatie in
hoogte en ruigte helpt insecten en weidevogels. Staatsbosbeheer houdt de waterstand extra hoog met dammetjes. Het gebied blijft nat, gunstig voor soorten als watersnip en blauwborst. Dit beheer stuurt op mozaïek: nooit overal tegelijk ingrijpen, maar spreiden in tijd en ruimte.
– Afzetten prikkelt verjonging en bloei – Maaien en begrazen houden delen open en bloemrijk – Hoge waterstand ondersteunt moeras- en weidevogels
Ollie de Uil Uilen zijn nachtdieren met grote ogen en stille vleugels. Ze rusten overdag in bomen, schuren of houtwallen. Je kunt uilen het hele jaar treffen, maar je hebt de meeste kans in de schemering, vooral in het voorjaar als ze roepen. Zie je geen uil, zoek dan naar braakballen op de grond onder takken en naar witte poepvegen op favoriete zitplaatsen.
Seizoenssoorten – wat zie je wanneer Lente en zomer
torenvalk, buizerd, sperwer, blauwe reiger, wilde eend, slobeend, krakeend, kuifeend, koolmees, pimpelmees, staartmees, zwartkop, tuinfluiter, grasmus, blauwborst, fitis, tjiftjaf, roodborst, vink, groenling, veldleeuwerik, graspieper, roodborsttapuit en putter.
Herfst en winter
torenvalk, buizerd, sperwer, blauwe reiger, zanglijster, veldleeuwerik, vink, putter, sijs, graspieper, houtduif, knobbelzwaan, gaai, kramsvogel, kauw, nijlgans, grauwe gans, slobeend, wintertaling, smient, wilde eend en aalscholver.
Tips – Neem verrekijker en loop rustig – Luister in de schemer naar zang en roep – Scan paaltjes en boomkruinen voor roofvogels
Piraat Puck – zoek de schat De schatplek hoort bij het avontuur. Je vindt die vaak bij iets herkenbaars: een grote boomstronk, een bankje of een infobord. Een schat kun je in elk seizoen verstoppen en terugvinden. Lukt het niet meteen, kijk dan naar pijlen, lintjes of een markering op een paaltje.
Geocache – speuren met respect voor natuur
Hier ligt een geocachepunt. Geocaching maakt het leuk om gericht te zoeken en toch stil te staan bij natuurwaarden. Blijf op paden, raak geen nesten of planten aan en plaats het kistje exact terug. Laat geen afval achter.
Rein de Reiger De reiger jaagt langs oevers en staat roerloos te turen naar vis en kikkers. Je vindt hem langs sloot, plas en poel, vaak bij ondiep water. Reigers zijn hier bijna het hele jaar. In strenge winters trekken sommige reigers weg of zoeken ze open water op. Zie je geen reiger, let dan op pootafdrukken in de modder en op plukplekjes met veertjes langs de oever.
Waterhuishouding – natter voor natuur en klimaat
Kelsdonk en Zwermlaken waren van nature nat. Water uit de Mark en vanaf hoger zand stroomde het gebied in. Door ontwatering werd het droger. Nu is het watersysteem aangepast zodat natte natuur kan herstellen en piekbuien beter worden opgevangen, met aandacht voor omliggende landbouw. Maatregelen zijn het verbreden en verdiepen van sloten, natuurvriendelijke oevers, petgaten en een helofytenveld. Het resultaat is een veerkrachtiger watersysteem met langere periode van natte bodems, meer waterberging en schoner uitstromend water.
Wat merk je in het veld – Meer plas-dras in voorjaar – Flauwe oevers met oeverplanten – Rustig stromend water langs randen met riet
Rietje van het Riet Riet is een hoge, holle plant die langs water groeit en veel dieren beschutting geeft. Je vindt rietkragen bij sloten, plassen en moerassen. In lente en zomer is het riet groen en vol leven, in winter zie je de strogele halmen nog steeds staan. Zie je weinig dieren, luister dan naar het geritsel en kijk naar nestresten of rietstengels met keurig afgeknaagde toppen.
Waarom biodiversiteit – meer variatie, meer veerkracht
Biodiversiteit is de variatie aan planten, dieren en schimmels, plus hun leefgebieden. Hier zorgt de afwisseling van nat en droog, jong en oud, open en dicht voor een rijk web van leven. Dat web bestuift, zuivert water, bindt koolstof en houdt plagen in toom. Een soortenrijk gebied vangt klappen van droogte en hoosbuien beter op. In dit landschap werken natuur, landbouw en recreatie samen. Meer soorten betekent ook meer beleving: vlinders boven kruidenranden, zang in houtwallen en jagende roofvogels boven de percelen.
Wat kun jij doen – Blijf op paden, laat honden aan de lijn in het broedseizoen – Neem afval mee terug – Meld bijzondere waarnemingen bij de beheerder of via waarnemingen.nl
Bas de Buizerd De buizerd zweeft hoog in rondjes en roept vaak pieeuw. Je ziet hem boven open weilanden, akkers en langs bosranden. Buizerds blijven het hele jaar in Nederland, al zwerven jonge vogels soms rond. Zie je geen buizerd, zoek dan naar uitwerpselen en veren onder uitkijkpalen of naar prooiresten op een paaltje.
Helofytenveld – natuurlijk filter met riet
Het inlaatwater komt vanuit de Leurse Vaart en bevat te veel voedingsstoffen. In het helofytenveld stroomt water in een slingerende route door riet en andere oeverplanten. Planten en bodembacteriën nemen nutriënten op en breken organisch materiaal af. Het water verlaat het veld helderder en past beter bij de doelen voor natte natuur. Het veld dempt ook piekafvoer en biedt leefgebied aan libellen, watervogels en amfibieën. Langs de route staat een paneel met meer uitleg.
Zo zie je werking – Rustig stromend water met zichtbare stromen – Rietwortels in ondiepe zones – Libellen en waterkevers in de luwte
Kapitein Kist – zoek de schat De tweede schat ligt op een plek waar paden samenkomen of bij een duidelijke steen of paal. Ook deze schat werkt in elk seizoen. Vind je niets, loop een klein rondje terug en speur op knieënhoogte naar een kistje of zakje met een groen lint.
Geocache – tweede speurpunt
Een tweede cachemoment maakt de route speels. Zoek gericht, blijf op het pad en respecteer kwetsbare plekken zoals natte oevers en jonge aanplant. Zet het kistje terug zoals gevonden. Zo houdt iedereen plezier en blijft de natuur ongestoord.
Slotstuk: Pieter de Putter De putter, ook distelvink, eet graag zaden van distels en kaardenbollen. Je ziet hem in bloemrijke randen, ruigere hoekjes en tuinen met zadenplanten. De putter is er het hele jaar, maar in winter zitten ze vaak in groepjes en foerageren ze luidruchtig op zaadhoofden. Zie je geen putters, zoek dan naar lege distelkoppen met uitgepeuterde zaadjes en luister naar hun tinkele zang in de verte.
Volwassen
Extra tip – de nieuwe gele route
Zin in meer kilometers en andere uitzichten? Loop de 4,5 kilometer lange gele route aan de oostzijde, start aan de Loosweg. Loop met de klok mee via het fietspad Achtergat, houd rechts aan en ga net voor het einde rechtsaf het weiland in. Je loopt circa 700 meter tegengesteld aan het laatste deel van de groene route van het laarzenpad. Na de frik rechts en de gele aanwijzingen volgen. De gele route sluit aan op de groene route bij het Windgat. Parkeren kan aan het Windgat, aan de Loosweg of bij Paviljoen De Turfvaart.
Waarom deze lus leuk is – Andere kijk op slagenlandschap en waterstructuur – Kans op soorten van open graslanden en randen – Langs delen van het helofytenveld en nieuwe vlonders
Raadhuisplein 4 4873 BH Etten-Leur Tel: 14 076
Postbus 10100 4870 GA Etten-Leur
Projecten Thema's Over deze site Inloggen voor medewerkers Archiefweb
Vragen over Etten-Leur Maken we Samen? Laat het ons weten via het contactformulier.
Contactformulier
Deze website maakt gebruik van cookies. Lees meer over cookies in onze cookieverklaring.
Deze cookies verzamelen nooit persoonsgegevens en zijn noodzakelijk voor het functioneren van de website.
Deze cookies verzamelen gegevens zodat we inzicht krijgen in het gebruik en deze website verder kunnen verbeteren.
Deze cookies zijn van aanbieders van externe content op deze website. Denk aan film, marketing- en/of tracking cookies.